DSC_4970

Geweldsmiddelen

De buitengewoon opsporingsambtenaren verdeeld over de 6 domeinen kunnen optioneel beschikken over geweldsmiddelen.

Dat kunnen handboeien, wapenstok, pepperspray, surveillancehond en/of vuurwapen zijn. Daar zijn wel voorwaarden aan verbonden. In de beleidsregels staan -per domein- de voorwaarden waaronder deze middelen  eventueel kunnen worden toegekend.

De basis van het toepassen van geweld door BOA’s is geregeld in artikel 7 lid 9 van de politiewet. Waarbij in artikel 7.1 de bevoegdheid tot het gebruiken van geweld staan beschreven.

Bij de toekenning van bevoegdheden en geweldsmiddelen is het de minister van Justitie en Veiligheid die beslist en aanwijst.

Wie kan nu welke geweldsmiddelen ter beschikking krijgen?:
(Hierbij dient te worden opgemerkt dat voor de boa  handboeien een geweldsmiddel worden genoemd in de beleidsregels, terwijl voor de politie het transportboeien zijn een geen geweldsmiddel)

De BOA domein 1 kan optioneel beschikken over handboeien, wapenstok en pepperspray.

De ingehuurde boa kan optioneel beschikken over handboeien.

De BOA domein 2 kan optioneel beschikken over handboeien, wapenstok, pepperspray, surveillancehond en/of vuurwapen

De BOA domein 3 kan optioneel beschikken over handboeien en dat geldt ook voor de ingehuurde BOA.

De BOA domein 4 kan optioneel beschikken over handboeien en wapenstok. De ingehuurde BOA kan optioneel beschikken over handboeien.

De BOA in domein 5 kan optioneel beschikken over handboeien.

De BOA in domein 6 kan optioneel beschikken over handboeien, wapenstok, pepperspray, surveillancehond en/of vuurwapen

Een criterium waarop wordt bepaald tot toekenning van de geweldsmiddelen is het noodzaakcriterium.

In paragraaf 3.2 van de beleidsregels staat de toekenning van geweldsmiddelen nader toegelicht.

Lees hier de beleidregels https://wetten.overheid.nl/BWBR0039766/2019-11-30#Circulaire.divisie1

 

Demonstratie

LID WORDEN VAN DE ACP?

AANMELDEN